zaterdag 18 februari 2023

Maar je ziet er niet depressief uit.

Maar je ziet er niet depressief uit. 

En toch ben ik het. 

Ik ben intussen door de huisarts, de psycholoog en de psychiater gediagnosticeerd met depressie. Voor de tweede keer, zowel in de herfst en winter van 2021 en 2022 werd het langzaam zwart. In januari van dit jaar stortte ik opnieuw in, na een lange opmaat de maanden ervoor. Ik werd  gedurende drie weken opgenomen op de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis. Dysthemie, noteerde de huisarts op een formulier, chronische depressie. Intussen ben ik weer thuis en zoek ik naar de beste omstandigheden om te herstellen. Het valt niet mee. 

Voor een psychische diagnose wordt er een officieel instrument gebruikt (dat ook wel eens ter discussie staat wegens gedateerd en te weinig holistisch), de DSM-V. Ik haal het aan omdat het mij een duidelijk, helder kader geeft. 

Er is sprake van een depressie als er gedurende een periode van meer dan twee weken vijf of meer van de volgende symptomen aanwezig zijn. 

  • Een sombere stemming
  • Gewichtsverlies of toename (niet te verklaren door andere factoren of een dieet)
  • Verstoord slaappatroon
  • Psychomotorische agitatie of vertraging
  • Vermoeidheid
  • Gevoelens van waardelooshied, schuldgevoel
  • Verminderd vermogen tot nadenken of concentreren. 
  • Herhaalde gedachten aan de dood of suïcide. 


I can tick all the boxes. 

Maar in de lijst staat ook dit symptoom: een duidelijke vermindering van interesse of plezier in (bijna) alle activiteiten gedurende het grootste deel van de dag. 

Het is naast somberte een van de twee kernsymptomen. Ik scoor hier maar ‘half’ op. Want ik sta wel op, ik geraak uit bed (of ja, toch bijna altijd). Ik stuur berichten, ik bedenk een vakantieplan (ik probeer, want mijn brein werkt niet mee), ik spreek af met vrienden (al lukt dat ook maar eens per week ofzo). Ik maak mopjes. Soms ben ik zelfs vrolijk, helemaal in het moment. Ik kreeg vorige week nog de slappe lach. En naast de totale vermoeidheidsdips, kan ik soms uren wandelen of zelfs sporten. Dus nee, ik zie er niet depressief uit. 

Ben ik dan wel depressief genoeg? Ja, want de acht andere symptomen zijn sterk tot zeer sterk aanwezig. Toch wringt het in mijn hoofd. 

Op korte tijd hoorde ik van drie heel verschillende mensen dat ik toch wel heel streng ben voor mezelf. Drie keer overviel me deze opmerking omdat ik naar mijn mening niets had gezegd dat hiertoe aanleiding had gegeven. Terwijl ik dit schrijf, herken ik de strengheid wél. Ik wil op een absurde manier ‘goed’ voldoen aan de symptomenlijst van een depressie. 

Overdrijf ik immers niet? 

Nee, zegt mijn lijf, je overdrijft niet. 

Mijn zenuwstelsel is ontregeld. Mijn zintuigen staan op scherp: geuren, smaken en vooral geluiden. Ik kom niet meer buiten zonder mijn noise-cancelling hoofdtelefoon. Ik ben ontzettend schrikachtig. Ik ben me gisteren rot geschrokken van een prot. Dat was erg grappig maar ook heel pijnlijk: het duurde minuten voor mijn lijf uit de fight/flight modus kwam. Voor een prot!
Ik durf absoluut niet fietsen in de stad. Ik dronk een theetje op café met een vriendin en liep door de drukke stad naar huis (sinds wanneer is die verlichting zo fel overal?) en dat heb ik echt moeten bekopen de uren daarna.
Mijn nek, schouders en rug zitten helemaal vast. Ik heb stekende pijn op mijn borst, bij moeilijke gesprekken maar soms ook zomaar uit het niets. Of nee, niet uit het niets, uit de zwarte krater die in mijn lijf lijkt te zitten.
Toen ik werd opgenomen in het ziekenhuis had ik ook spasmes, een soort schokken, totaal ongecontroleerde bewegingen. Die schokken zijn er nu soms nog, maar niet meer zo hevig en niet meer continu. Gelukkig, want het was eng om mee te maken en eng om te zien. 

Ik ben niet aan het werk. Een defect brein en een totaal energieverlies maken dat onmogelijk. Het moeder zijn, en het co-ouderschap in het bijzonder, is moeilijk op dit moment. En deze depressie weegt op mijn relaties met de mensen die ik graag zie. 

Dus, ik probeer niet na te denken over dat ene symptoom dat ik niet helemaal bij mezelf herken, ik zal niet proberen om nog beter te voldoen aan de diagnose. Ik zal alles doen om te herstellen, wat een beter woord is dan genezen. Her-stellen, mezelf opnieuw instellen, opstellen. Ik weet nog niet hoe. Ik weet dat het lang zal duren. 


Tot ergens onderweg, 

K. 


PS: Ik heb getwijfeld of ik dit wel zou delen, natuurlijk. Meer voelen, Katelijne, minder in je hoofd. Dus ik voel precies dat ik toch graag wil dat je dit leest en weet. Dat maakt onze gesprekken later misschien makkelijker. Ik hoef niet alles uit te leggen, jij kan zeggen dat je het jammer voor me vindt en dan praten we over je nieuwe job, of over dat gedoe op school bij de jongste of over vakantieplannen. Binnenkort, later, we zien wel. X 



Na mijn verblijf in het ziekenhuis, ging ik de rust zoeken in de polders. Dat lukte niet helemaal, maar deze zonsondergang vond ik wel. 

Foto: Hannes Couvreur 

donderdag 3 november 2022

Nieuw: een podcast.

Want ja, waarom niet? 

Er is een idee, niet echt een plan. 

Voorlopig enkel te beluisteren op Spotify


zaterdag 27 augustus 2022

Een jaar later - over het verschil tussen twee zomers


Zomer 2021, Amsterdam



Zomer 2022, Luxemburg




Mijn meisjes en ik deden een remake van deze foto van de zomer van 2021. Ander hotel in een andere stad, zelfde gelukkige kinderen, zelfde lachende moeder, de foto onscherp. Ik draag zelfs hetzelfde t-shirt, dat is toeval.

Er is weinig verschil te zien. Als je goed kijkt, zie je wat meer grijze haren en wat meer rimpels rond mijn ogen, mijn meisjes zijn weer een stuk groter en worden als bij wonder nog elke dag mooier. Dat is wat je ziet. Wat ik weet is iets anders. Ik weet: er is een groot verschil.

Vorige zomer was dit de uitzondering. Dit is een foto van een uniek gelukzalig moment: een heerlijk vrij gevoel, een feest van het moederschap, een gevoel van eenheid, van het unieke gevoel intens verbonden te zijn met mijn twee lievelingsmensjes. Maar buiten dit soort schaarse momenten was het heel donker.

Dat is deze zomer anders, dit zijn de momenten van de meerderheid, dit is bijna de standaard. Gelukzaligheid die zomaar voor het oprapen ligt, bijna iedere dag.

Ik plande ook een remake te maken van deze foto:


Zomer 2021, Mater


Dit was eind zomer 2021. Je ziet mijn vers lief, een prachtige zomeravond, verjaardagscadeautjes voor hem, een dronk op de liefde. Nauwelijks een uur na deze foto stortte ik voor een eerste keer in.

Ik liep al maanden, al jaren op vals plat. Er leken weinig hindernissen te zijn maar ik was moe, het leven vroeg ongelofelijke inspanningen en ik begreep niet waarom. Na die eerste instorting op zijn verjaardagsavond, werd het vals plat in de herfst van vorig jaar een hellend vlak. Ik moest krabbelen. Ik greep me wanhopig vast, maar ik gleed, ik gleed. Ik stopte met werken, kroop in mijn bed en zou mijn vermoeidheid wegslapen. Het draaide anders uit. Na een maand voorgeschreven rust, ging het steeds slechter, ik had last van allerlei kwalen, ik sliep slecht.

Doorstaan is een goed woord. Ik heb die vreselijke malaise doorstaan. Ik heb niet het gevoel dat ik genezen ben. Laat staan dat ik gewonnen heb. Ik denk enkel dat ik die periode, die vloed, min of meer doorstaan heb. Dat ik er toch redelijk in geslaagd ben om terug overeind te krabbelen. Al kan ik niet benoemen wat het nu net was dat me overkomen is. In het begin deed dat er niet toe, omdat het enige dat ik moest en kon doen rusten was. Op het einde deed de naam van mijn ziekte, mijn kwaal, mijn getormenteerde ziel er ook niet toe, omdat het enige wat telde was dat ik weer overeind krabbelde, dat ik me weer op vertrouwd vals plat bevond, en zelfs hele stukken gewoon plat, effen, rechtdoor. Waar het makkelijk lopen was.

Ik heb op mijn telefoon een remake van deze foto, maar ik durf hem niet te posten. Opnieuw de avond van zijn verjaardag. De setting is anders maar niet minder prozaïsch: een klein en uiterst charmant dorpje in Wallonië, we eten in een bijzonder restaurant. Hannes en ik logeren wat verderop in het huis van een kunstenaar. Ik werk enkele dagen van hieruit en vertel mijn collega’s op het scherm enthousiast over de prachtige bibliotheek waar ik mijn laptop heb opgesteld. Ik zou hier ook eindelijk nog eens schrijven. Ik schreef veel in die donkere herfst- en winterdagen omdat het me op een of andere manier hielp. Maar in de lichte dagen schreef ik niet. Ik besloot gewoon te genieten van de vlakke weg en dat was de juiste keuze, om even niet te schrijven. Maar nu, met deze heerlijke zomer bijna achter me, nu zou ik nog eens gaan zitten, nu zou ik schrijven.

Het lukt me niet.
Wat ik schrijf, is niet goed.

Wat volgt, is een nieuwe instorting. Het patroon van verwachtingen klettert. Het leven dat ik kristalhelder voor me zag, ligt plots compleet buiten bereik. Hannes laat me eerst alleen, dan laat hij me vertellen, dan laat hij me huilen.

Zelfs deze blogpost publiceren kan ik niet doen, zelfs dat kan ik niet schrijven, ik kan niet leugenachtig een remake van de verjaardagsfoto publiceren, en schrijven hoe geweldig het nu gaat. Ik dacht vorige week nog dat ik deze blogpost zou afwerken en posten met lichte euforie en zelfs wat trots. Maar ik voel een diep verdriet.

Ik ben bang, zeg ik wanneer ik tegen Hannes aanlig. Ik ben bang dat het terugkomt, dat dit weer een begin is. Hij troost me niet met loze woorden, hij houdt me gewoon vast. 

De volgende ochtend is mijn hoofd loodzwaar. Ik dwing mezelf een uur te rennen langs de Maas. Ik dwing mezelf het ene boek uit te luisteren en het andere uit te lezen: dan heb ik tenminste toch dát gedaan. Ik neem foto’s van details in het prachtige huis. Ik overweeg een mooie post op social media waarin te zien is hoe heerlijk het hier is, en hoe ik het toch maar mooi voor elkaar heb, mijn leven. Ik doe het niet.

In de badkamer van het huis staat een bad op pootjes. De muren zijn van leem, voor de ramen hangen fijne linnen doeken aan eenvoudige spijkers. Ik laat het oude bad vollopen en verdwijn. De hoge badranden van wit email schermen de wereld af. Mijn hoofd is veilig nu.

Ik heb een crumble gemaakt van kleine pruimen. We laten het ons smaken en vertrekken voor een wandeling. Ik probeer niets meer te verwachten van mezelf. Als ik vandaag en morgen nu eens gewoon vakantie neem? Hannes kust me in het bos, ik voel langzaam terug rust, in mijn lijf, in mijn hoofd. We praten over boeken. We praten ook over wat er een dag eerder gebeurde.

Dit is het. Zo is het. Net wanneer ik denk dat ik een jaar later kan zeggen dat ik het gered heb, dat ik er weer ben, dat ik vol in het leven sta, gaat het mis met grond onder mijn voeten. Het hellend vlak is er weer en ik verlies mijn evenwicht.

Ik besluit dit dan maar te vertellen, hier op deze blog. Niet het hoera-bericht dat ik enkele dagen geleden in mijn hoofd had over het geweldige verschil van de ene zomer tegenover de andere. Maar wel een bericht hoe het werkelijk gaat. Dat ik na een prachtige zomer misschien toch terug val. Misschien ook niet. Misschien loop ik morgen, overmorgen, weer op vlakke weg.

Dit is een oproep om geen duidelijkheid te verwachten, niet van het leven, maar ook niet van elkaar. Het herstel van een depressie is geen rechte lijn, dat wist ik, maar nu ervaar ik het ook. Ik schenk mezelf een glas rosé in. Zo dadelijk eet ik met Hannes het restje van een heerlijke pasta. Dat is genoeg voor vandaag, voor vanavond. Morgen zullen we wel weer zien. Dat klinkt goed, maar ik meen het ook. En misschien is dat wel het verschil met vorig jaar.

maandag 18 juli 2022

Getest: de elektrische buurtbakfiets!

Ik heb vandaag met mijn meisjes (ondertussen 11 en bijna 7) iets nieuws getest: de deelbakfiets

We hebben zelf nooit een bakfiets gehad. Dat past niet in de fietsenparking in ons huis en ik heb me altijd kunnen redden met 2 fietsstoeltjes. De meisjes hebben snel goed leren fietsen in de stad. Juno zit soms nog achterop, maar echt veilig is dat eigenlijk niet meer. De mogelijkheden qua elektrische fietsen voor ouders met jonge kinderen zijn de laatste jaren ontzettend uitgebreid. Goede evolutie want ik hoor van vele jonge ouders dat ze zo zonder auto kunnen of toch minstens zonder tweede auto. 

Sinds een paar weken staan er in Antwerpen elektrische bakfietsen van Cargoroo. Ik vind iets nieuws altijd tof, en zeker iets nieuws in het land van de deeleconomie. We planden een dagje bij vrienden die een twintigtal kilometer verderop wonen. Heen en terug fietsen met de meisjes zou nog te vermoeiend zijn voor die jonge beentjes van Juno, en zeker in deze hitte. We hadden geen zin om de (deel)auto te nemen...Dus we gingen voor een Cargoroo, de elektrische buurtbakfiets.



Hoe werkt het? Je installeert een app op je telefoon. In de app kan je zien waar er een fiets beschikbaar is, hoeveel batterij die heeft en wat de geschatte range is. Op 250m van ons huis staat er zo'n fiets. Je moet de fiets dus wel steeds naar dezelfde standplaats brengen (het is dus niet zoals het Velo-systeem, maar eerder zoals Cambio). Geen idee hoe die fietsen worden opgeladen, ik vermoed dat er een systeem is dat iemand de batterijen komt vervangen?

Via de app ontgrendel je de fiets, het slot springt open. Je betaalt de fiets per minuut (€0,07/minuut), er zijn geen abonnementskosten (zoals bij vb. bij Cambio) of andere kosten. Heel helder dus. Je kan wegfietsen en hem ergens op slot zetten, maar ook dan loopt je tijd. 

Het is een giga bakfiets. Ik ken er niets van, maar dit lijkt me een topmodel. Je kan kiezen tussen verschillende niveaus van ondersteuning (van eco tot turbo) en je 'schakelt' aan het andere handvat. Dat was wat wennen want het is gewoon een kwestie van draaien. Er is ook geen ketting maar zo'n riem, dus je draait gewoon om zachter of harder te trappen. 

Ik moet eerlijk toegeven dat ik het echt heel moeilijk manoeuvreren vind. De meisjes kunnen er met twee comfortabel in zitten (naast elkaar is wat nipt, tegenover elkaar gaat beter). Dat is natuurlijk een heel gewicht. Bochten nemen vind ik echt moeilijk. Ik was dus opgelucht dat we uit de stad reden, langs fietspaden en door het park (Rivierenhof) en het bos (Peerdsbos en de Inslag). Zalig in de schaduw en aan een heerlijk tempo van circa 22km per uur. Maar als ik me dus even had vergist met de fietsknooppunten, dan was het echt lastig om die fiets gedraaid te krijgen. Ik kreeg het wel wat onder de knie in de terugrit, maar ik ben toch niet geneigd om er de stad mee in te rijden. 

Het was ontzettend rustig op straat, iedereen bleef binnen door de hitte denk ik. Geen coureurs of senioren te bespeuren, dus we hebben hele stukken  zalig kunnen doorfietsen. Ook de bruggen over het kanaal en de autostrade waren een eitje. Bij het afdalen hebben we een topsnelheid van 42km/u gehaald wat ik toch wel wat te snel vond. Het koppel dat hun hondje uitliet vond dat precies ook. 

We bleven de hele middag hangen in de tuin, dus ik heb de fiets 8,5 uur gebruikt, wat natuurlijk resulteert in een stevige kost. Ik vermoed dat ik met een Cambio ritje (waar je ook behalve de gereden kilometers betaalt voor de 'tijd') ongeveer evenveel had uitgegeven. En we hebben ons echt wel geamuseerd, het is heel gezellig, je kan echt kletsen onderweg. En tegenover de aankoop van zo'n fiets is het natuurlijk ook echt peanuts. De meisjes vonden het heel fijn, ze plannen al een volgende rit. 

Besluit: Een zeer solide bakfiets, heel groot, eerder geschikt voor korte ritjes (dan is het ook echt niet duur). Ik vind het echt een groot zwaar ding dat ik niet helemaal vertrouw, maar misschien moet ik gewoon nog wat oefenen? Het was in elk geval echt een fijne dag! 




zaterdag 11 juni 2022

Unwelcome Flowers - ga dat zien

Ik ken mijn lief lief Hannes nu ongeveer een jaar. Hij vond het toen moeilijk om over zichzelf te zeggen dat hij fotograaf is. Nochtans had hij op dat moment verschillende betalende opdrachten  Ik zag straffe portretfoto's in opdracht en ik zag zijn foto's voor een prachtig sociaal-artistiek project in Nieuw-Gent. Een fotograaf dus. 

Hij liet me ook zijn vrij werk zien. Een reeks over bomen: zwart wit foto's van schors, van basten. Een reeks over korstmossen, macro fotografie van die kleine groene levensvormen, vaak bedekt met een dun laagje sneeuw. Ik vond het erg mooi. 

Er is de Evanitas-reeks, geïnspireerd door Jan Van Eyck. Ik maak er ook deel van uit, maar dat is een ander verhaal. In november vonden die werken een plek in een verlaten loods, het was een prachtige expo die veel te kort duurde. 

Toen fotografeerde hij een blad. Een herfstblad. De nerven van een blad. Het spel van licht en schaduw op dat blad. Hij had het blad op een zwarte achtergrond gelegd, en dat gaf een mooi effect. Angionesis, noemde hij deze reeks, het ontstaan van nieuwe bloedvaten uit andere bloedvaten. Hij wist niet dat die titel ook een soort voorspelling inhield. 

Want tegelijk was er ook For The Love of Leafs, uitbundige foto's van heel veel groene bladeren, hier en daar een bloem, tegen het raam van een serre gedrukt. De oude ramen met roest en condens, de planten die bijna van achter het glas willen groeien. 

Toen kwam het samen: op een zwarte achtergrond fotografeerde hij bloemen. De uitbundigheid van de serre-foto's met de esthetiek, zorgzaamheid en compositie van de herfstbladeren. En al heel snel bleken de bloemen die aan het verwelken waren het interessants, en paradoxaal, het meest levend. De bruine gekrulde randjes aan de bloemlaadje, een bloem die het kopje laat hangen, een bloem die haar blaadjes verliest. Dat was het begin van Unwelcome Flowers. Je kan een aantal foto's, de Prelude, nog bewonderen in Gent tot eind juni, in het Achturenhuis in Gent Ledeberg



Hij werkte hard aan de lichtinval, het beheersen van de zwarte achtergrond, en experimenteerde met allerlei soorten bloemen, en later ook verlept fruit, verschrompelde pompoenen, schelpen of een kleine dierenschedel. Op een avond stuurde hij me een reeks van verwelkte tulpen, en ik was zo geraakt. Er gebeurde iets. Dit waren niet gewoon mooie, knappe foto's. Ik weet niet of hun waarde in de originaliteit of uniciteit ligt (ik ken uiteindelijk weinig van fotografie, mijn referentiekader is klein). Maar ik voelde de foto's. 

Hannes werd productiever, werkte uren en uren, een race tegen de klok. Want het daglicht van de dag zou onherroepelijk verdwijnen  en de foto's zijn bijna allemaal bij daglicht genomen. Het verslensen van de bloemen zou morgen anders zijn, dus het moest nu, gauw. Meer bloemen, meer objecten, uitbundiger, dan weer strakker. Het bleef komen, het blijft komen. 

Ik vind het prachtig. Ik vind het ongelofelijk. En ik vind dat je het in het echt moet zien. Want ook dat leerde ik, dat een foto op een scherm is anders is dan een foto in het echt. Toen Hannes de expo was aan het opbouwen, stuurde hij me een filmpje van het huis en hoe enkele van de foto's daar aan de muren hingen. Ik wist met mijn enthousiasme werkelijk geen blijf en kan niet wachten om daar te zijn, om zijn werk te zien waar het hoort. Niet in een whatsapp berichtje waarin we afstand tussen Gent en Antwerpen te proberen te verkleinen. Maar in het echt, in het groot. 



Volgend weekend is het openingsweekend van Unwelcome Flowers - Ouverture in Mechelen. Zaterdagmiddag 18 juni is een fijn programma met lezingen en een drankje. Vrijdag en zondag zal Hannes enkele rondleidingen geven. Daarna is de expo nog te zien tot 25 september. 

Ik ben fan van Hannes, sinds zijn eerste brief, en misschien zelfs al daarvoor. En ik ben fan van zijn werk, wat is het ontzettend mooi en sterk. 


Zie ik je daar? 

***

Vernissage op zaterdag 18 juni - zie UiTinVlaanderen - facebook-event

Openingsweekend 17-19-19 juni - zie UiTinVlaanderen - facebook - event

Daarna is de expo geopend tot 25 september tijdens de openingsuren van het BlinkHuis

***

Er zijn heel wat foto's te koop (vanaf €125) via de webshop van Hannes
www.hannescouvreur.com

Je kan Hannes volgen: 

Facebook - Hannes Couvreur Photography
Instagram - @superblyhuman 

maandag 30 mei 2022

Terloops (zes jaar voorbij)

Het missen is plots. Het herinneren is terloops. 

Ik zou het niet anders willen. 

Het missen valt in, duikt op, slaat neer. Een onverwachte beweging, ik schrik. 

Op een warme lentedag kijken naar het dansoptreden waarbij mijn jongste meisje zelfverzekerd rondhuppelt (waar komen die lange benen plots vandaan?). BAM, het gemis. Foto's van vaders die grootouders zijn en grootouderdingen doen. BAM. Een boek in mijn kast dat van hem blijkt te zijn. BAM. 

Het herinneren daarentegen waait voorbij, passeert, glijdt over me heen, de ene keer als een lichtstraal, de andere keer als een schaduw, maar altijd traag, en zacht, en weer weg. 

Terloops vertellen aan de meisjes dat Opa Jo erg graag asperges at. Terloops met mijn broer praten over die keer toen hij met papa naar een optreden van Arno ging. Terloops mezelf in de spiegel bekijken en hem zoeken in mijn ogen, mijn neus, en in mijn rimpels die hij nooit heeft gezien. Hij zal altijd 61 blijven, maar ik voor hem ook altijd 33. Zo werkt het niet helemaal maar ik vind het een prettig idee. 

Ik wens iedereen die de pijn voelt van het missen, ook de warmte van het herinneren. 

In de terloopsheid, in de plooien van het leven, we zien elkaar daar. 




woensdag 30 maart 2022

Cambio deelwagen jaaroverzicht 2021

Ik reed in 2021 464 kilometer met Cambio. Ik heb al jaren geen eigen auto, en ik voel me nog steeds helemaal goed bij de keuze voor Cambio. Deze deelwagens vind ik op veel standplaatsen heel dicht in de buurt, het voordeel van in de stad wonen. 

Ik rekende even uit wat dit voor 2021 betekende. 

De variabele kost, per kilometer, kwam voor mij neer op €0,41 per kilometer.
Dat is dus voor het gebruik van cambio (tijd + kilometers). 

De vaste kosten daarnaast zijn nog een maandelijks abonnement (€8/maand) en een safety pack zodat je een lagere franchise moet betalen (€4/maand). Mijn gulle werkgever betaalt dit voor mij omdat ik ook dienstverplaatsingen doe met Cambio, maar ik wil gewoon even meegeven dat het dus over €144 vaste kosten per jaar gaat. 


Dat is het. 
Niks meer. 
Geen carwash.
Geen controlekosten.
Geen garagekosten.
Geen zorgen. Geen verrassingen.

Doordat de kinderen nu groter zijn, is het gedoe met kinderstoelen ook voorbij, zo'n klein verhoogkussen nemen we telkens mee. Ook zet ik vaak de meisjes thuis af terwijl ik de auto 500 meter verder ga parkeren op de standplaats, daar zijn ze nu ook oud genoeg voor. Het enige nadeel is de wagenziekte van mijn jongste, wat extra stress geeft als ze ziek wordt in zo'n cambio-wagen... Verder geen problemen gehad vorig jaar! Misschien dat ik in 2022 de auto wat vaker ga nemen met wat weekendjes op de planning. 

Dat blijft allemaal wat abstract, maar ik bekeek ook even de concrete uitgaven en dan ziet het er (zonder die vaste kosten) zo uit: 

  • Weekendje Zeeland: €88 (220 kilometer in totaal)
  • Familiebezoekje van enkele uren: €19 (50 kilometer)
  • Ritje naar de winkel voor iets groot en onhandig: €6,5 (14 kilometer)
  • Feestje wat verder weg: €30 (95 kilometer)
Dit klinkt niet echt goedkoop, maar met amper een duizendtal kilometers per jaar, is het voor mij zonder twijfel de goedkoopste optie. 
Ik geef natuurlijk ook wat extra geld uit aan de trein, maar ook dat valt heel goed mee. Of toch zolang de kinderen nog geen 12 jaar zijn en gratis mogen meereizen. Een reisje naar Amsterdam met de trein (waar de meisjes wel al moesten betalen) heeft me meer gekost dan als ik met de cambio zou gaan... Pijnlijk vind ik dat. 
Mijn redenen om voor cambio te kiezen zijn dus zeker niet enkel financieel: ik vind dat we spaarzaam moeten omgaan met onze openbare ruimte en plaats moeten maken in onze stad voor de zwakke weggebruikers. En uiteraard probeer ik mijn ecologische voetafdruk hiermee nog heel wat te verkleinen, doordat er niet nog een extra auto geproduceerd moet worden. 

Ik heb geen idee over de kosten en de voor- of nadelen van andere systemen. Wel benieuwd naar andere ervaringen! 

Weekendje Zeeland met cambio