Het was vroeg in de ochtend.
Zoals elke maandag hadden de vogels een vergadering. Niet zomaar een vergadering, een vogel-vergadering. Dan komen alle vogels bij elkaar. In de grote boom in het bos.
Morgen is het maandag. Paula heeft niks te vertellen of toch wel? Ik denk dat ik maar even naar Kora de giraf ga, die weet altijd raad.
Paula zingt onderweg lalalalal...............
Opeens stapt Raaf voor haar voeten en zegt: stiller! Mijn kinderen slapen!
Oke, oke zei Paula en liep door. Toen was ze er.
Ze vroeg: weet jij wat ik kan vertellen?
- Waar? Aan wie?
- Voor de vogelvergadering.
- Aha. Ik weet wel iets.
- Wat dan?
- Mijn vriendje zijn papa gebruikt een zonnepaneel. En een zonnepaneel trekt de zon naar beneden!
- Oh nee, wat moeten we nu doen?
- Dat weet ik niet.
- Ik zal het vertellen op de vogelvergadering. Ik ga terug naar huis. Lalalalala......
- Stiller! Hoeveel keer moet ik het nu nog zeggen!
- Sorry, sorry
- Oke maar als je nog een keer lalala zegt dan! Begrepen?
- Begrepen
Paula liep terug naar huis.
Ze ging slapen.
zzzzzzzz
Kukleku.
En hop, ze ging naar de vogelvergadering en vertelde het verhaal...
O nee, riepen alle vogels in koor.
O nee! O nee! O nee! O nee! O nee! ..............
onee onee onee oneee oneeee oneeeeeeeeee
- We kunnen de zon vast houden.
- Nee gekkie, die is veel te heet.
- We kunnen een stenen tang maken en de zon omhoog houden.
- Ja!
- Maar hoe geraken we daar?
- hmmmmmm hmmmmmm....
Het is even stil.
- Vliegen?
- Maar het is wel heel ver
- Iemand vliegt en de rest op de rug. En wie moe is, die gaat van boven.
- Ja!
- Morgen spreken we af
- Oke
En ze vliegen en vliegen en dan, boem.
Ze vallen naar beneden. Paula kreunt.
- Morgen weer een vergadering?
- Oke
Paula gaat eerst even naar Kora. En ze vroeg om morgen mee te gaan.
- Ja!
- Tot morgen
Het was ochtend. Iedereen zat al in de boom. De giraf begon en zei: mopje, de zon kan niet naar beneden vallen.
- Zeg, dus jij hebt ons voor de gek gehouden.
- Ja
- Ik krijg je nog wel!, zei Paula. En ze liep boos weg.
Net negen is ze. Ze schrijft graag verhalen. Maar nog liever wil ze actrice worden. En fietsenmaker, en de combinatie ziet ze ook helemaal zitten. Ze verzint en naait haar eigen verjaardagskroon, eet het liefst vegan sushi en kan helemaal alleen koekjes bakken. Ze mist haar grootouders het hardst, ze wil alle knuffels inhalen. Ze wil net als ik meer maatregelen van het hart. Intussen fietsen we langs alle ijssalons in Antwerpen voor een vergelijkende smaaktest van bananenijs. Intussen begint ze aan haar 34ste boek van dit jaar. Intussen hebben wij elkaar en ben ik stomverbaasd dat ze me al negen jaar elke dag verrast en moeder maakt.
zaterdag 25 april 2020
zondag 22 maart 2020
Verjaardagsverzoek #ikbensolidair
Op dinsdag 24 maart word ik 37 jaar.
En ik ga je vragen of je geld wil geven.
Niet aan mij, maar aan zij dit het nodig hebben.
Dit is waarom.
Ik stond eerder deze week koud te douchen. Ik voelde me ellendig. Deze hele corona-crisis weegt zwaar op mijn toch al niet eenvoudige gezinssituatie. En, oh miserie, onze boiler is al een maand kapot, ijskoud water dus. Het nodige wisselstuk zit ergens in een lockdown tussen Denemarken en ons huis. We hebben nogal een speciaal systeem, dus nergens anders te krijgen. En bovendien werkt ook de ventilatie in ons huis dan niet, wat ook lastig is. Ik stond vol zelfmedelijden onder de douche.
Maar ik deed gauw kleren aan, zette een lekker kopje thee en at van het heerlijke zelfgebakken brood. En toen kwam de klap.
Dat er buiten duizenden mensen zijn voor wie deze hele situatie nog veel zwaarder is. Omdat er na de koude douche geen warme plek is om naartoe te gaan, met warme thee en zachte boterhammen. Omdat er gewoon geen plek is. En buiten mag en kan het nu niet. Waar moeten ze heen?
Ik schudde de rillingen uit mijn lijf, ging aan het werk, entertainde kinderen, werkte 's avonds nog wat uren door. Maar ik geraakte het beeld niet kwijt, van mensen (ménsen) die worden verjaagd omdat ze samentroepen. Kinderen die op straat ronddolen. Blijf thuis, natuurlijk, maar er is verdorie geen kot om naartoe te gaan.
Nog diezelfde avond stelde ik tot mijn verbazing vast hoe weinig geld ik nog maar had uitgegeven deze maand. Toch iets positiefs aan niet meer buitenkomen. En dan zag ik de oproep van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. Ze willen samen met andere organisaties de overheid dringend vragen om noodopvang te voorzien. Begrijpelijk dat de opvangcentra voor daklozen sluiten, maar er zijn geen andere maatregelen. Niets, nada, voor de allerzwaksten in ons land.
Ik heb nog belachelijk weinig gedaan voor anderen in deze periode. Ik heb mijn broer geholpen om zijn boodschap als huisarts in de media te krijgen. Maar dat is het zowat.
Dus ik stortte het bedrag van een goed paar schoenen, dat ik deze maand (maanden?) toch niet ga kopen. Ik loop hier toch gewoon op kousen (de vloerverwarming doet het nog). Misschien helpt het een asielzoeker aan een paar schoenen. Aan onderdak. Of aan mondmaskers en handgel voor de helden die ook deze mensen door deze crisis loodsen.
Dinsdag zal ik jarig zijn. Berichtjes en felicitaties van mijn liefsten, mijn vrienden. In mijn bubbel. Ik weet dat jullie applaudisseren voor de zorg (dank). Ik weet dat jullie beseffen dat vuilnisophalers toch echt een cruciale functie hebben in onze wereld (dank). Ik weet dat jullie proberen om alle maatregelen zo goed mogelijk op te volgen. Ik weet dat jullie proberen niet te panikeren, niet te hamsteren. Ik weet dat jullie bezorgd telefoneren naar ouders en grootouders, naar wie het moeilijk heeft. Ik weet het, ik hoef het jullie niet te vragen, en blijf het vooral doen. Jullie zijn schatten.
Maar check uw rekeningsaldo. Ziet het er een beetje goed uit? Doe dan een gift.
En ja, als dit allemaal voorbij is, ga ik mijn schade inhalen in het heerlijke stadsleven en uitbundig op restaurant, de voorraad knutselmateriaal terug aanvullen (zal nodig zijn) en veel shoppen (zo veel mogelijk bij Belgische winkels, dat spreekt, Wouter Torfs heeft gelijk als hij zegt dat Zalando onze gezondheidszorg niet gaat betalen #kooplokaal).
En oh ja, honderd flat whites, yes please.
Dat zal allemaal wel lukken, want het ziet ernaar uit dat ik ook de komende weken weinig eurootjes zal uitgeven.
Je kan heel eenvoudig een gift doen via de website van Vluchtenlingwerk Vlaanderen.
Of gewoon storten op op BE06 5230 8056 2922 (BIC: TRIOBEBB), vanaf €40 fiscaal aftrekbaar.
Dankjewel.
Dat we dit allemaal doorkomen. Allemaal, alle mensen, alle mede-mensen.
Het zal de leeftijd zijn zeker, die mij wat emotioneler maakt?
En ik ga je vragen of je geld wil geven.
Niet aan mij, maar aan zij dit het nodig hebben.
Dit is waarom.
Ik stond eerder deze week koud te douchen. Ik voelde me ellendig. Deze hele corona-crisis weegt zwaar op mijn toch al niet eenvoudige gezinssituatie. En, oh miserie, onze boiler is al een maand kapot, ijskoud water dus. Het nodige wisselstuk zit ergens in een lockdown tussen Denemarken en ons huis. We hebben nogal een speciaal systeem, dus nergens anders te krijgen. En bovendien werkt ook de ventilatie in ons huis dan niet, wat ook lastig is. Ik stond vol zelfmedelijden onder de douche.
Maar ik deed gauw kleren aan, zette een lekker kopje thee en at van het heerlijke zelfgebakken brood. En toen kwam de klap.
Dat er buiten duizenden mensen zijn voor wie deze hele situatie nog veel zwaarder is. Omdat er na de koude douche geen warme plek is om naartoe te gaan, met warme thee en zachte boterhammen. Omdat er gewoon geen plek is. En buiten mag en kan het nu niet. Waar moeten ze heen?
Ik schudde de rillingen uit mijn lijf, ging aan het werk, entertainde kinderen, werkte 's avonds nog wat uren door. Maar ik geraakte het beeld niet kwijt, van mensen (ménsen) die worden verjaagd omdat ze samentroepen. Kinderen die op straat ronddolen. Blijf thuis, natuurlijk, maar er is verdorie geen kot om naartoe te gaan.
![]() |
| Tekening van lacoeuramareebasse |
Nog diezelfde avond stelde ik tot mijn verbazing vast hoe weinig geld ik nog maar had uitgegeven deze maand. Toch iets positiefs aan niet meer buitenkomen. En dan zag ik de oproep van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. Ze willen samen met andere organisaties de overheid dringend vragen om noodopvang te voorzien. Begrijpelijk dat de opvangcentra voor daklozen sluiten, maar er zijn geen andere maatregelen. Niets, nada, voor de allerzwaksten in ons land.
Ik heb nog belachelijk weinig gedaan voor anderen in deze periode. Ik heb mijn broer geholpen om zijn boodschap als huisarts in de media te krijgen. Maar dat is het zowat.
Dus ik stortte het bedrag van een goed paar schoenen, dat ik deze maand (maanden?) toch niet ga kopen. Ik loop hier toch gewoon op kousen (de vloerverwarming doet het nog). Misschien helpt het een asielzoeker aan een paar schoenen. Aan onderdak. Of aan mondmaskers en handgel voor de helden die ook deze mensen door deze crisis loodsen.
Dinsdag zal ik jarig zijn. Berichtjes en felicitaties van mijn liefsten, mijn vrienden. In mijn bubbel. Ik weet dat jullie applaudisseren voor de zorg (dank). Ik weet dat jullie beseffen dat vuilnisophalers toch echt een cruciale functie hebben in onze wereld (dank). Ik weet dat jullie proberen om alle maatregelen zo goed mogelijk op te volgen. Ik weet dat jullie proberen niet te panikeren, niet te hamsteren. Ik weet dat jullie bezorgd telefoneren naar ouders en grootouders, naar wie het moeilijk heeft. Ik weet het, ik hoef het jullie niet te vragen, en blijf het vooral doen. Jullie zijn schatten.
Maar check uw rekeningsaldo. Ziet het er een beetje goed uit? Doe dan een gift.
En ja, als dit allemaal voorbij is, ga ik mijn schade inhalen in het heerlijke stadsleven en uitbundig op restaurant, de voorraad knutselmateriaal terug aanvullen (zal nodig zijn) en veel shoppen (zo veel mogelijk bij Belgische winkels, dat spreekt, Wouter Torfs heeft gelijk als hij zegt dat Zalando onze gezondheidszorg niet gaat betalen #kooplokaal).
En oh ja, honderd flat whites, yes please.
Dat zal allemaal wel lukken, want het ziet ernaar uit dat ik ook de komende weken weinig eurootjes zal uitgeven.
Je kan heel eenvoudig een gift doen via de website van Vluchtenlingwerk Vlaanderen.
Of gewoon storten op op BE06 5230 8056 2922 (BIC: TRIOBEBB), vanaf €40 fiscaal aftrekbaar.
Dankjewel.
Dat we dit allemaal doorkomen. Allemaal, alle mensen, alle mede-mensen.
Het zal de leeftijd zijn zeker, die mij wat emotioneler maakt?
vrijdag 28 februari 2020
Het geluid van afscheid
zaterdag 29 februari
Onze voordeur kan je op dubbel slot kan draaien. Dat deden wij vroeger als wij gingen slapen. Wij sloten de deur en de dag.
Nu niet meer dus.
Onze meisjes wonen altijd in ons huis, Michiel en ik wonen er elk de helft van de tijd. Dat heet 'birdnesting' in het vakjargon van de relatiebreuken (ja, dat bestaat). Voor ons lijkt dat tot nu toe een werkend systeem. We hebben heel wat afspraken, regels en gewoontes om op deze manier samen te leven. Eentje is dat we proberen om elk zondagavond samen te eten, met z'n vieren. Dat valt me emotioneel altijd zwaar en doet tegelijk ook altijd deugd.
Als de meisjes proper gewassen en met een dosis voorleesverhalen en slaapliedjes in bed liggen, overlopen Michiel en ik vaak nog de planning voor de komende week. En dan vertrekt een van beiden naar het eigen appartement en volgt het vreselijke geluid. Het geluid van de voordeur op dubbel slot.
Het is vreselijk om in de zetel te zitten, Michiel die vertrekt en die dan van buiten de deur met zijn sleutel op dubbel slot draait. Ik voel me leeg, ik mis het leven dat ik vroeger had.
Maar ook de andere optie is pijnlijk. Ik vertrek, neem mijn jas, een zak met nog wat spullen, trek de deur achter me toe en draai haar op dubbel slot. Het wringt, het klopt niet om mijn eigen huis zo achter te laten.
Het draaien van die sleutel, het is het geluid van het afscheid, elke week opnieuw. Het went niet.
Maar de laatste weken, ben ik van dat geluid gaan houden. Op de andere dagen. Op die dagen dat ik bij de meisjes ben. We komen thuis, het is koud, we hebben koud, we zijn natgeregend of moe, of natgeregend én moe en dus ook slechtgezind. Dan kan ik niet snel genoeg de fietsen binnenzetten, de meisjes naar binnen jagen. En dan draai ik de deur langs de binnenkant op slot. Zo. Nu komt er niemand meer in. Wij drie. Dan voel ik me sterk, en zeker. Ik moet niets anders meer doen dan zijn wie ik ben: een moeder.
Een moeder die oververmoeid is. Die servies laat vallen en die drie keer geeuwt in één kort voorleesverhaal. Maar ook een moeder die op een half uur een lekkere maaltijd kan maken, die een agenda tekent en knutselwerkjes ophangt, die wasmachines draait en op google mopjes zoekt om schaterlachjes terug te krijgen. Die luistert (te vaak met een half oor) naar verhalen over vriendinnetjes en poesjes en pipi langkous. Die ruzies sust om dan zelf iets te snauwen want is het nu gedaan daarmee. Een moeder die moedert, ze doet ook maar wat.
Het is zwaar. Ik weet niet meer wie ik ben en wat ik wil. Het einde van een relatie is het wegvallen van een toekomst en het vervagen van een rol, functie, van betekenis. Ik ben doodop, ik twijfel aan alles, functioneer niet meer zoals het zou moeten en al zeker niet meer zoals ik het zou willen. Een groot deel van mijn vrienden is vanavond ergens waar ik ook had kunnen zijn, het is daar vast fijn. Maar ik draaide de deur daarstraks al op slot, omdat ik nergens meer heen wil, omdat ik niets anders meer wil zijn dan wat ik in deze puinhoop nog altijd duidelijk ben: een moeder.
Onze voordeur kan je op dubbel slot kan draaien. Dat deden wij vroeger als wij gingen slapen. Wij sloten de deur en de dag.
Nu niet meer dus.
Onze meisjes wonen altijd in ons huis, Michiel en ik wonen er elk de helft van de tijd. Dat heet 'birdnesting' in het vakjargon van de relatiebreuken (ja, dat bestaat). Voor ons lijkt dat tot nu toe een werkend systeem. We hebben heel wat afspraken, regels en gewoontes om op deze manier samen te leven. Eentje is dat we proberen om elk zondagavond samen te eten, met z'n vieren. Dat valt me emotioneel altijd zwaar en doet tegelijk ook altijd deugd.
Als de meisjes proper gewassen en met een dosis voorleesverhalen en slaapliedjes in bed liggen, overlopen Michiel en ik vaak nog de planning voor de komende week. En dan vertrekt een van beiden naar het eigen appartement en volgt het vreselijke geluid. Het geluid van de voordeur op dubbel slot.
Het is vreselijk om in de zetel te zitten, Michiel die vertrekt en die dan van buiten de deur met zijn sleutel op dubbel slot draait. Ik voel me leeg, ik mis het leven dat ik vroeger had.
Maar ook de andere optie is pijnlijk. Ik vertrek, neem mijn jas, een zak met nog wat spullen, trek de deur achter me toe en draai haar op dubbel slot. Het wringt, het klopt niet om mijn eigen huis zo achter te laten.
Het draaien van die sleutel, het is het geluid van het afscheid, elke week opnieuw. Het went niet.
Maar de laatste weken, ben ik van dat geluid gaan houden. Op de andere dagen. Op die dagen dat ik bij de meisjes ben. We komen thuis, het is koud, we hebben koud, we zijn natgeregend of moe, of natgeregend én moe en dus ook slechtgezind. Dan kan ik niet snel genoeg de fietsen binnenzetten, de meisjes naar binnen jagen. En dan draai ik de deur langs de binnenkant op slot. Zo. Nu komt er niemand meer in. Wij drie. Dan voel ik me sterk, en zeker. Ik moet niets anders meer doen dan zijn wie ik ben: een moeder.
Een moeder die oververmoeid is. Die servies laat vallen en die drie keer geeuwt in één kort voorleesverhaal. Maar ook een moeder die op een half uur een lekkere maaltijd kan maken, die een agenda tekent en knutselwerkjes ophangt, die wasmachines draait en op google mopjes zoekt om schaterlachjes terug te krijgen. Die luistert (te vaak met een half oor) naar verhalen over vriendinnetjes en poesjes en pipi langkous. Die ruzies sust om dan zelf iets te snauwen want is het nu gedaan daarmee. Een moeder die moedert, ze doet ook maar wat.
Het is zwaar. Ik weet niet meer wie ik ben en wat ik wil. Het einde van een relatie is het wegvallen van een toekomst en het vervagen van een rol, functie, van betekenis. Ik ben doodop, ik twijfel aan alles, functioneer niet meer zoals het zou moeten en al zeker niet meer zoals ik het zou willen. Een groot deel van mijn vrienden is vanavond ergens waar ik ook had kunnen zijn, het is daar vast fijn. Maar ik draaide de deur daarstraks al op slot, omdat ik nergens meer heen wil, omdat ik niets anders meer wil zijn dan wat ik in deze puinhoop nog altijd duidelijk ben: een moeder.
vrijdag 31 januari 2020
Juno spreekt (afl.7)
Mijn lieve Juno Puno wordt zo groot.
En al zijn het niet de gemakkelijkste tijden, ze is soms erg gerdrietig, onze gesprekken zijn heerlijk.
Ik zeg dat er in ons tuintje geen slangen leven, ze kunnen niet tegen de kou, dan gaan ze dood. Ze denkt even na om dan bezorgd te vragen: maar ik kan niet tegen kietelen, en ik ga toch niet dood?
Ze beweert dat als ik hard lach, dat de hik bij haar verdwijnt. We proberen en het mislukt. Harder, mama, harder lachen! En ik moet zo lachen om haar blik, dat zij ook lacht en haar hik verdwijnt. Ze heeft dus alweer gelijk.
En verder noteerde ik ook deze uitspraken:
Ik wil van die gekleurenden. Ik wil niet van die gebrokenden.
Stel je voor.... dat ik een jas was!
Stel je voor... dat Oona alleen maar lippen was!
Zit er hier echt een hartje in mij?
Acht, negen, tien, wien is al gezien?
Ik zie ik zie niet wat jij niet ziet
We fietsen in de reuk (ze bedoelt rook, het is mistig)
Dat zeg ik niet, dat is een hegeim
Sommige kindjes in mijn klas gaan naar het klontjesfeest (Suikerfeest)
Dat is de grote broer, dat is de kleine broer en dat is de middelmaat broer.
Mop van de maand: Slaap kindje slaap, het schaap drinkt melk met zijn voetjes.
donderdag 2 januari 2020
Een gelukkig leesjaar!
Ik heb dit jaar veel gelezen. Graag gelezen. Gulzig gelezen. Veel voorgelezen, maar nog meer met een boek op de trein en een boek in bed. Ik vluchtte met de storm niet alleen in het werk, maar ook in boeken, in verhalen, in levens van personages.
Ik ben fan van Goodreads en ik ben fan van statistieken.
Een fijne blogtraditie dus: zie mijn leesberichten van 2018 - 2017 -2016.
En dit was dus 2019:
47 boeken dus, dat is er eentje minder dan in 2018, maar toen las ik wel dikkere boeken want kwam ik op een stuk meer pagina's uit.
En wat valt er te zeggen?
Dat ik weer weinig non-fictie las. Thinking fast and slow van Kahneman vond ik nochtans heel straf, maar ik kreeg het net niet helemaal uit. Zo'n dikke klepper en dat gaat steeds maar dieper en verder in de logica, statistiek en psychologie, ik was het op den duur echt wel kwijt. Desondanks: een aanrader. Verder las ik ook relatieboeken van Esther Perel en Rika Ponet. Ik kan ze je echt aanbevelen al zitten die boeken nu met een heel wrang gevoel in dit lijstje.
Gelukkig was er ook nog Rutger Bregman met De meeste mensen deugen. Dat boek kwam op een bijzonder moment voor mij. En het is niet het best geschreven boek, maar het is zo lezenswaardig. Laat je niet afschrikken door de vele pagina's, het is echt een heel vlot boek.
Ik had erg uitgekeken naar Barrico zijn vervolg op De Barbaren waar ik echt mee gedweept heb (nog altijd een beetje, maar het boek is ondertussen wat gedateerd). The Game stelde me echter wat teleur. Het is zeker niet slecht, en het is echt heel fijn om te zien hoe Barrico een soort samenvatting maakt van de wereld vanuit technologische/webontwikkelingen. Voor wie al eens een mening heeft over tinternet een aanrader.
Ik las dit jaar de vijf boeken van Elena Ferrante en ik vond het heerlijk. Personages die lang meegaan, ik kan er zo van genieten. Wie nog goede vakantieboeken zoekt: hier zijn ze.
Steengoede boeken die zeer onaangenaam zijn: zo las ik er twee. De avond is ongemak van Marieke Lucas Rijneveld en Vallen is als vliegen van Manon Uphoff. Het is als heel bittere chocolade: echt super goed maar je wil er echt niet te veel van eten. Reasons to stay alive van Matt Haig was ook echt mindblowing. Geen boek voor iedereen denk ik, maar als je meer wil weten over depressie, om welke reden dan ook, dan is dit echt een boek voor jou.
Als ik dan toch 'het beste' boek van 2019 moet kiezen, dan kies ik The Great Believers van Rebecca Makkai. Ik heb het zowaar (graag!) in het Engels gelezen en het maakte mijn ellendige zomer zoveel beter. Het verhaal gaat over de opkomst van de aids-epidemie in Chicago in de jaren tachtig. Zo ver van mijn bed, maar zó goed geschreven. Een beetje dezelfde sfeer als Een klein leven, maar dan gewoon beter en minder uitgesponnen ellende (maar nog wel veeeeeel ellende). Het andere boek dat ik van Makkai las, De lener, was dan weer een zeer amusant, vrolijk boek. Het is echt een boek voor lezers, met heel veel verwijzingen naar andere (jeugd)boeken.
De verliefden van Javier Marías is het boek waarin ik het meeste passages heb gemarkeerd. Een prachtig verhaal, het doet wat heerlijk ouderwets aan. En het gaat over de liefde en ik lees graag over de liefde.
Het meest filmische boek is ongetwijfeld De ontembare van Guillermo Arriaga. Voor de fans van de film 'Cidade de Deus' een absolute must-read. Ook al is hij meer dan 900 pagina's.
Als klassieker las ik Jane Eyre van Charlotte Brönte. Ik heb 500 pagina's genoten en was erg blij met deze tip van een leesvriendinneke. En misschien nog geen klassieker, maar Jeroen Brouwers is wel een monument, en zijn Datumloze Dagen heb ik ook echt verslonden.
Ik vertrouwde op Julian Barnes, Renate Dorrestein, Amelie Nothomb en Ian McEwan en ik werd niet teleurgesteld.
Tot slot nog even een hype: Op aarde schitteren we even is terecht een bejubeld boek. De eerste hoofdstukken zijn wat te vreemd en pathetisch, maar dan komt het verhaal op gang, en dat versmelt met al die mooie zinnen en dan krijg je een onwaarschijnlijk goed boek dat je niet kan wegleggen.
Het eerste boek van 2020 ga ik wellicht zo meteen uitlezen: het eerste boek in een trilogie van Coetzee. Zeer straf, mijn leesjaar is weer goed gestart.
Ik ben fan van Goodreads en ik ben fan van statistieken.
Een fijne blogtraditie dus: zie mijn leesberichten van 2018 - 2017 -2016.
En dit was dus 2019:
47 boeken dus, dat is er eentje minder dan in 2018, maar toen las ik wel dikkere boeken want kwam ik op een stuk meer pagina's uit.
En wat valt er te zeggen?
Dat ik weer weinig non-fictie las. Thinking fast and slow van Kahneman vond ik nochtans heel straf, maar ik kreeg het net niet helemaal uit. Zo'n dikke klepper en dat gaat steeds maar dieper en verder in de logica, statistiek en psychologie, ik was het op den duur echt wel kwijt. Desondanks: een aanrader. Verder las ik ook relatieboeken van Esther Perel en Rika Ponet. Ik kan ze je echt aanbevelen al zitten die boeken nu met een heel wrang gevoel in dit lijstje.
Gelukkig was er ook nog Rutger Bregman met De meeste mensen deugen. Dat boek kwam op een bijzonder moment voor mij. En het is niet het best geschreven boek, maar het is zo lezenswaardig. Laat je niet afschrikken door de vele pagina's, het is echt een heel vlot boek.
Ik had erg uitgekeken naar Barrico zijn vervolg op De Barbaren waar ik echt mee gedweept heb (nog altijd een beetje, maar het boek is ondertussen wat gedateerd). The Game stelde me echter wat teleur. Het is zeker niet slecht, en het is echt heel fijn om te zien hoe Barrico een soort samenvatting maakt van de wereld vanuit technologische/webontwikkelingen. Voor wie al eens een mening heeft over tinternet een aanrader.
Ik las dit jaar de vijf boeken van Elena Ferrante en ik vond het heerlijk. Personages die lang meegaan, ik kan er zo van genieten. Wie nog goede vakantieboeken zoekt: hier zijn ze.
Steengoede boeken die zeer onaangenaam zijn: zo las ik er twee. De avond is ongemak van Marieke Lucas Rijneveld en Vallen is als vliegen van Manon Uphoff. Het is als heel bittere chocolade: echt super goed maar je wil er echt niet te veel van eten. Reasons to stay alive van Matt Haig was ook echt mindblowing. Geen boek voor iedereen denk ik, maar als je meer wil weten over depressie, om welke reden dan ook, dan is dit echt een boek voor jou.
Als ik dan toch 'het beste' boek van 2019 moet kiezen, dan kies ik The Great Believers van Rebecca Makkai. Ik heb het zowaar (graag!) in het Engels gelezen en het maakte mijn ellendige zomer zoveel beter. Het verhaal gaat over de opkomst van de aids-epidemie in Chicago in de jaren tachtig. Zo ver van mijn bed, maar zó goed geschreven. Een beetje dezelfde sfeer als Een klein leven, maar dan gewoon beter en minder uitgesponnen ellende (maar nog wel veeeeeel ellende). Het andere boek dat ik van Makkai las, De lener, was dan weer een zeer amusant, vrolijk boek. Het is echt een boek voor lezers, met heel veel verwijzingen naar andere (jeugd)boeken.
De verliefden van Javier Marías is het boek waarin ik het meeste passages heb gemarkeerd. Een prachtig verhaal, het doet wat heerlijk ouderwets aan. En het gaat over de liefde en ik lees graag over de liefde.
Het meest filmische boek is ongetwijfeld De ontembare van Guillermo Arriaga. Voor de fans van de film 'Cidade de Deus' een absolute must-read. Ook al is hij meer dan 900 pagina's.
Als klassieker las ik Jane Eyre van Charlotte Brönte. Ik heb 500 pagina's genoten en was erg blij met deze tip van een leesvriendinneke. En misschien nog geen klassieker, maar Jeroen Brouwers is wel een monument, en zijn Datumloze Dagen heb ik ook echt verslonden.
Ik vertrouwde op Julian Barnes, Renate Dorrestein, Amelie Nothomb en Ian McEwan en ik werd niet teleurgesteld.
Tot slot nog even een hype: Op aarde schitteren we even is terecht een bejubeld boek. De eerste hoofdstukken zijn wat te vreemd en pathetisch, maar dan komt het verhaal op gang, en dat versmelt met al die mooie zinnen en dan krijg je een onwaarschijnlijk goed boek dat je niet kan wegleggen.
Het eerste boek van 2020 ga ik wellicht zo meteen uitlezen: het eerste boek in een trilogie van Coetzee. Zeer straf, mijn leesjaar is weer goed gestart.
woensdag 25 december 2019
Het geschreven woord
In ons huis slingeren overal briefjes. Met lijstjes, met instructies, met spelregels, met woorden die belangrijk zijn voor een toneeltje.
Ik zou ze meer moeten bijhouden, die briefjes en die bordschema's.
Het is tastbaar bewijs dat dit gezin leeft. Dat er wordt gespeeld.
Geen nauwkeurige mooi geschreven woorden, maar haastige krabbels om alles duidelijk te vatten.
Doktertje, waarbij lengte en gewicht gedetailleerd worden genoteerd.
Restaurantje, met pijltjes naar de wc, en een menukaart waarvan ik 'kado lazanja' kan bestellen.
Het mooist zijn de schema's zonder woorden.
Waarin Oona nauwkeurig noteert met symbolen zodat Juno kan begrijpen.
Zo is er een spel met opdrachten waarbij je knuffels kan verdienen.
En een geheugensteuntje bij Juno haar nieuwjaarsbrief.
Wat een team die twee.
Het loopt anders dan ik had gedacht, dit gezin.
Maar zij houden, door het huis rennend met briefjes, balpennen en stiften, het leven bij elkaar.
***
Een bestellijstje voor de wafels, zodat we niet vergeten wat we hebben besteld.
Een spel waarbij je opdrachten moet doen en kussen en knuffels kan verdienen.

Een herindeling van ons huis met een duidelijk onderscheid van de speelkamer en deze rust+slaap+boek kamer.
Een geheugensteuntje voor Juno haar nieuwsjaarsbrief. Met streepjes hoe vaak ze iets moet herhalen. En iets met je neus en je wangen en een sneeuwman.
Ik zou ze meer moeten bijhouden, die briefjes en die bordschema's.
Het is tastbaar bewijs dat dit gezin leeft. Dat er wordt gespeeld.
Geen nauwkeurige mooi geschreven woorden, maar haastige krabbels om alles duidelijk te vatten.
Doktertje, waarbij lengte en gewicht gedetailleerd worden genoteerd.
Restaurantje, met pijltjes naar de wc, en een menukaart waarvan ik 'kado lazanja' kan bestellen.
Het mooist zijn de schema's zonder woorden.
Waarin Oona nauwkeurig noteert met symbolen zodat Juno kan begrijpen.
Zo is er een spel met opdrachten waarbij je knuffels kan verdienen.
En een geheugensteuntje bij Juno haar nieuwjaarsbrief.
Wat een team die twee.
Het loopt anders dan ik had gedacht, dit gezin.
Maar zij houden, door het huis rennend met briefjes, balpennen en stiften, het leven bij elkaar.
***
Een bestellijstje voor de wafels, zodat we niet vergeten wat we hebben besteld.
Een spel waarbij je opdrachten moet doen en kussen en knuffels kan verdienen.

Een herindeling van ons huis met een duidelijk onderscheid van de speelkamer en deze rust+slaap+boek kamer.
Kerstmenu in het plasticine-restaurant. Een gerecht is weggeveegd, want dat is helaas al op.
Zelf verzonnen regels en puntentelling bij Mikado.
Een geheugensteuntje voor Juno haar nieuwsjaarsbrief. Met streepjes hoe vaak ze iets moet herhalen. En iets met je neus en je wangen en een sneeuwman.
Inpaklijstje. 4x tischrt.
donderdag 12 december 2019
Vluchten in werk. Een vorm van zelfzorg.
Als ik aankom op het werk en de eerste vergadering begint, dan kom ik in een soort concentratie zone. Ik denk weinig aan andere dingen, ik denk weinig aan mijn zorgen. Ik heb dat niet alleen op het werk, ik heb dat gelukkig ook bij fijne dingen. Dus ook al voel ik me te neerslachtig voor sociale dingen, al vertrek ik met lood in de schoenen, ook al denk ik dat echt té moe ben, eenmaal ik onder vrienden ben, zit ik in the zone. Dat heb ik ook bij theater. Ik heb veel theater gezien de voorbije weken, ik heb daar veel aan gehad.
Maar werk dus. Ik beken: ik vlucht. Ik heb de voorbije maanden heel hard gewerkt. En het was geen eenvoudige periode. Ik heb heel even een soort rust gehad: ik doe deze functie nu een jaar, het team is volledig en we realiseren fijne dingen. Ah.
Maar toen werden er enkele teamleden ziek. Toen kwam de ene financiële tegenslag na de andere (sponsorship dat wegviel, partnership dat niet verlengd werd, minder inkomsten op een project dan gehoopt...). En toe kwamen er nog 6% besparingen bij.
Ik heb huilend voor financiële tabellen gezeten om te zoeken naar oplossingen. Om alles te kunnen blijven doen met alle collega's die er zijn. Ik huilde omdat ik wist dat het ditmaal niet ging lukken.
Vorige week hebben we vijf collega's hun ontslag moeten geven. Ik vond het vreselijk om te doen, voor hen moet het nog vreselijker zijn.
Het is gek om mensen die je echt nog veel kansen wil geven, die nog kunnen groeien, die waardevolle competenties hebben, dat je die vraagt om te vertrekken. Ik heb alles uit mezelf geperst om er te zijn voor de collega's. Voor zij die hun ontslag kregen, voor zij die blijven, maar met veel vragen en onduidelijkheden. Ik werk al zo lang bij publiq, ik ken mijn collega's echt goed en ik geloof zo hard in wat wij doen. Maar ik moet er staan en deze beslissing verdedigen want er is geen alternatief.
En dan is het eenzaam thuiskomen, zonder een maatje dat luistert, waartegen je mag zeuren en klagen en zuchten. Een maatje dat jou kent, je collega's kent, je zorgen kent. Een maatje dat zegt, het komt wel weer goed
En dan is het eenzaam thuiskomen, zonder een maatje dat luistert, waartegen je mag zeuren en klagen en zuchten. Een maatje dat jou kent, je collega's kent, je zorgen kent. Een maatje dat zegt, het komt wel weer goed
Ik ben moe, echt moe. En ik maak fouten. Op het werk. Thuis.
Maar ik weet, ook morgen zal ik opstaan, ontbijt maken voor de meisjes, alles regelen om ze op tijd op school te krijgen (moeilijk omdat ik niet kan fietsen met mijn gebroken elleboog). En dan zal ik aan het werk gaan, dan zal ik wellicht weer in the zone komen.
Deze zomer, de dag nadat de beslissing om uit elkaar te gaan als een rotsblok op mij was gevallen, had ik een lange strategische vergadering. Het werd een van de beste uit mijn carrière. Twee weken geleden brak ik 's avonds mijn elleboog, ging ik 's ochtends naar de spoed, kreeg een zware gips en ging diezelfde namiddag naar Brussel voor een belangrijke raad van bestuur. Met genoeg pijnstillers weliswaar. Dat was misschien niet helemaal verstandig, maar ook de volgende dag stond ik er. Deze dinsdag gaf ik een goede (denk ik toch) presentatie na een heel korte nacht, ik had nog lang aan die presentatie gewerkt en kon vervolgens niet slapen door gepieker. Maar ik stond er, en bleef gaan.
Ik wil dat niet verheerlijken, het is gewoon hoe ik in elkaar steek. Dit is mijn lijf. Ik ben iemand die bijkomt van ellende (zes kilo helaas) maar wel kan doorgaan. Mijn huid is dof, ik heb wallen en pukkels. Ik ben mijn basis kwijt, mijn toekomstperspectief, maar ik ga door. Ik verdien daar geen lof voor, daar is geen bewondering voor nodig. Het is gewoon hoe het gaat en ik hoop dat het blijft gaan.
Want dat is wat ik wil vragen: heb daar begrip voor, het is gewoon wie ik ben.
Komt de crash nog? Dat het allemaal te veel wordt? Misschien wel, en dan zijn er misschien wel wat kennissen die gelijk halen. Want zie je wel, dat hou je niet vol.
Maar ik hoop van niet. Ik hoop dat ik kan rekenen op mijn lijf, mijn hoofd, om ondanks alles door te gaan.
Want misschien is dat toch nog altijd de beste zelfzorg: dicht bij jezelf blijven, bij wie je echt bent.
Dit ben ik.
Ik werk graag.
Het is zwaar.
Maar ik werk graag door.
En het is bijna vakantie en dan zal ik ook even niet werken.
Abonneren op:
Posts (Atom)













